Sint Jacobsschelp
Wetenschappelijk I Pecten maximus
Engels I Scallop
Frans I Coquille St. Jacques
Duits I Kamm Muschel
Spaans I Vieira
Italiaans I Ventaglio-pettine maggiore
Uiterlijk

Deze is de grootste van de Europese mantelschelpen. Schelpen ongelijk, bovenste (linker) schelp plat, bruinroze van kleur; onderste schelp hol, wit tot zachtroze van kleur, met 15 - 17 forse, afgeronde ribbels.
Op de mantel, die bij geopende kleppen naar buiten steekt, zijn lichtgevoelige oogjes zichtbaar. Gebruik: Bakken, grillen, kort stoven, in een veelheid van onvolprezen recepten. Het kuit wordt vers verkocht.
De sluitspieren worden veelal individueel diepgevroren en geglaceerd op de markt gebracht.

 

Voorkomen

Leeft op stevige zand - of kleibodems op diepten tot meer dan 100 m. Er wordt vooral op de schelp gevist om het vlees van de sterk ontwikkelde en buitengewoon smakelijke sluitspieren en om het kuit.
Er wordt gevist op de Sint Jacobsschelp met grote, tot 2 m brede sleepnetten(korren).

 

Paaitijd
Meer info